FIFA 18

Schizotypische persoonlijkheidsstoornis: De Kenmerken

schizotypische-persoonlijkheidsstoornis-sps

Schizofrenie is een bekende stoornis, maar wist je dat dit maar één stoornis is die binnen het schizofrene spectrum valt? De schizotypische persoonlijkheidsstoornis is er ook een van. Hoewel er wel overlap tussen schizofrenie en de schizotypische persoonlijkheidsstoornis is, zijn er ook duidelijke verschillen. De hoofdkenmerken van de schizotypische persoonlijkheidsstoornis zullen in dit artikel worden beschreven.

Wat is een schizotypische persoonlijkheidsstoornis ?

De schizotypische persoonlijkheidsstoornis (SPS) is een stoornis die valt binnen de schizofrenie spectrum stoornissen. Het wordt beschreven als een chronische, vaak mildere vorm, van schizofrenie. Mensen met de diagnose SPS geloven vaak in ‘magisch denken’ ofwel het geloof dat men de fysieke wereld met de geest kan veranderen. De aparte gedachtengang leidt ertoe dat er sprake is van oncomfortabele interacties met mensen wat gezonde relaties in de weg staat.

 

Prevalentie

Er zijn verschillende onderzoeken geweest naar de aanwezigheid van SPS in de maatschappij. In de algmene populatie zou SPS tussen de 0,6% tot 4,6% voorkomen. Het lijkt erop dat mensen met deze stoornis ondervertegenwoordigd zijn in de klinische populatie. Dit zou kunnen betekenen dat mensen met deze diagnose weinig hulp zoeken.

 

Diagnostische criteria volgens de DSM-V:

A. Een diepgaand patroon van sociale en interpersoonlijke tekortkomingen die worden gemarkeerd door een acuut oncomfortabel gevoel en een verminderde capaciteit voor diepe relaties. Tevens is er sprake van cognitieve -en perceptuele vertekening van de realiteit en excentriek gedrag. Dit komt op in de vroeg volwassenheid en is merkbaar in verschillende contexten zoals geïndiceerd in vijf of meer van de volgende punten:

  1. Het idee dat er ergens aan gerefereerd wordt, maar dat is niet zo
  2. Vreemd geloof in magisch denken dat het gedrag beïnvloed. Dit is inconsistent met de culturele normen (zoals bijvoorbeeld bijgeloof, geloof in waarzeggers, telepathie of een zesde zintuig; ook moet er onderscheidt worden gemaakt bij kinderen en adolescenten, omdat zij vaker bizarre fantasieën of preoccupaties hebben)
  3. Ongewone perceptuele ervaringen, inclusief lichamelijke illusies
  4. Vreemd denken en praten (bijvoorbeeld vaag en metaforisch praten)
  5. Wantrouwend of paranoïde gedachten
  6. Ongepaste of beperkt affect
  7. Gedrag of uiterlijk dat vreemd, excentriek of apart genoemd kan worden
  8. Weinig tot geen goede vriendschappen of vertrouwelingen anders dan eerstegraads familieleden
  9. Excessieve sociale angst dat niet minder wordt vertrouwdheid. Dit komt voornamelijk door paranoïde angsten en niet door een negatief zelfbeeld.

B. Deze klachten komen niet exclusief voor met schizofrenie, een bipolaire stoornis of een depressieve stoornis met psychotische kenmerken, een andere psychotische stoornis of een stoornis in het autistische spectrum.

 

Ontwikkeling van de stoornis

Er lijkt een genetisch risicofactor te zijn bij individuen als een eerstegraads familielid leidt aan schizofrenie. Ook wordt kindermishandeling in verband gebracht met de ontwikkeling van de stoornis. Kinderen die op latere leeftijd de diagnose SPS hebben vaak al moeite om aansluiting te vinden bij leeftijdsgenoten. Vaak hebben ze al last van sociale angst en presteren ze op school benedenmaats. Vaak zijn vreemde gedachten, taal en gedrag al aanwezig en worden ze als excentriek beschreven. Op latere leeftijd is de kans klein dat de stoornis zich ontwikkeld tot schizofrenie, maar dit kan gebeuren. Mensen die lijden aan SPS hebben vaak een baan onder hun niveau en weinig tot geen diepgaande vriendschappen. De symptomen van de stoornis blijven gedurende het leven stabiel. Ook zijn er verschillen tussen mannen en vrouwen gevonden. Vrouwen vertonen vaker positieve symptomen (bijvoorbeeld een excentriek uiterlijk) en mannen hebben vaker negatieve symptomen (zoals een afgevlakt affect)

 

Bronnen

American Psychiatric Association. (2013). Diagnostic and statistical manual of mental disorders (5th ed.). Washington, DC: Author.

Chemerinski, E., Triebwasser, J. Roussos, P. & Siever, L.J. (2013). Schizotypical personality disorder. Journal of Personality Disorders, 27(5), 652-679.